De aanpak
KBL werkt aan blijvende verbetering van de jeugdhulp. Dat doen we op twee manieren: via kwaliteitsstandaarden en via de Leeragenda. Beide versterken elkaar, maar hebben een andere rol.
Kwaliteitsstandaarden
Kwaliteitsstandaarden beschrijven wat we verstaan onder goede jeugdhulp. Het zijn landelijke normen, gebaseerd op wetenschap, praktijkervaring en ervaringskennis. Deze richtlijnen, kaders of veldnormen geven richting aan professioneel handelen, bieden houvast bij besluitvorming en verantwoording, en dragen bij aan stabiliteit en voorspelbaarheid.
De Leeragenda
De Leeragenda richt zich juist op thema’s en vragen waar nog geen duidelijke antwoorden of standaarden voor zijn, of waar ontwikkeling nodig is. Het gaat om gebieden waar kennis ontbreekt, ervaringen uiteenlopen of vernieuwing nodig is. Of waar kennis wel beschikbaar is, maar nog niet breed wordt toegepast. De Leeragenda nodigt uit om te reflecteren, uit te proberen en kennis te delen. En verandert mee met nieuwe inzichten en ervaringen.
Ruimte om te leren
Door de wisselwerking versterken standaarden en de Leeragenda elkaar. Wat we leren, kan leiden tot nieuwe of aangepaste standaarden. Andersom kunnen standaarden vragen oproepen, die aanleiding geven voor gezamenlijk leren. Zo ontstaat een cyclus van voortdurende verbetering.
Voor leren is ruimte nodig. Kwaliteitsstandaarden gaan vaak gepaard met toetsing en verantwoording, maar leren vraagt om vrijheid. Om fouten te mogen maken en nieuwe wegen te verkennen. Door standaarden en leren duidelijk van elkaar te scheiden, zorgen we dat leerprocessen niet te veel worden ingekaderd.
Netwerk
Het netwerk KBL speelt hierin een centrale rol. Professionals, teams en organisaties ontwikkelen en gebruiken de standaarden én geven met partners de Leeragenda vorm. Dat doen ze door samen te leren en te reflecteren. Met elkaar vormen zij de sector die werkt aan kwaliteit en voortdurend leren. Zo ontstaat gedeeld eigenaarschap: kwaliteit is geen voorschrift van bovenaf, maar iets dat we samen ontwikkelen en onderhouden. Het netwerk is daarmee zowel drager van standaarden als motor van vernieuwing.
Kortom: kwaliteitsstandaarden en de Leeragenda vullen elkaar aan. Ze hebben elk hun eigen functie. Door hun samenhang te erkennen, vergroten we het vermogen van organisaties en netwerken om te leren, te verbeteren en te vernieuwen.